Hoge Raad, 13-01-2015, ECLI:NL:HR:2015:47, 13/06277
Hoge Raad, 13-01-2015, ECLI:NL:HR:2015:47, 13/06277
Gegevens
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 13 januari 2015
- Datum publicatie
- 13 januari 2015
- Annotator
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:47
- Formele relaties
- Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:2537, Gevolgd
- In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2013:4543, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- 13/06277
Inhoudsindicatie
HR: art. 81.1 RO.
Uitspraak
13 januari 2015
Strafkamer
nr. 13/06277
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 2 december 2013, nummer 22/000766-13, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 januari 2015.