Parket bij de Hoge Raad, 13-12-2022, ECLI:NL:PHR:2022:1169, 21/01190
Parket bij de Hoge Raad, 13-12-2022, ECLI:NL:PHR:2022:1169, 21/01190
Gegevens
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 13 december 2022
- Datum publicatie
- 15 december 2022
- Annotator
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2022:1169
- Formele relaties
- Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2023:124
- Zaaknummer
- 21/01190
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Valsheid in geschrift (doen van onjuiste belastingaangiften). Klachten over bewijs opzet en verwerping van beroep op pleitbaar standpunt. Klachten over strafoplegging, waarbij rekening is gehouden met het grootschalige karakter van de delicten als omstandigheid waaronder de delicten zijn begaan. Beschouwingen over de toepasselijkheid van de onschuldpresumptie en de procedurele aanspraken van art. 6 EVRM. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer21/01190
Zitting 13 december 2022
CONCLUSIE
D.J.C. Aben
In de zaak
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1950,
hierna: de verdachte.
Inleiding
1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Zwolle, heeft de verdachte bij arrest van 3 maart 2021 wegens “valsheid in geschrift, meermalen gepleegd” en “opzettelijk bij geschrift zich jegens een persoon uiten, kennelijk om diens vrijheid om een verklaring naar waarheid of geweten ten overstaan van een rechter af te leggen te beïnvloeden, terwijl hij weet of ernstige reden heeft te vermoeden dat die verklaring zal worden afgelegd”, veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf met aftrek. Bovendien heeft het hof de verdachte ontzet van het recht tot uitoefening van het beroep van het verzorgen van belastingaangiften voor derden voor de duur van vijf jaren en de teruggave aan de verdachte gelast van een geldbedrag.
2. Er bestaat samenhang met de zaken 21/01163 (de ontnemingszaak tegen de verdachte). In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
3. Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte.1 M.M.A.J. Goris, advocaat te Rotterdam, heeft twee middelen van cassatie voorgesteld.
Het eerste middel
4. Het eerste middel komt met motiveringsklachten op tegen het bewijsoordeel over het opzet op het valselijk opmaken van de geschriften.