Home

Rechtbank Rotterdam, 11-02-2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2226, 83-026210-23

Rechtbank Rotterdam, 11-02-2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2226, 83-026210-23

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
11 februari 2025
Datum publicatie
24 februari 2025
Annotator
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2025:2226
Zaaknummer
83-026210-23

Inhoudsindicatie

Veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan het door een rechtspersoon begaan van onjuist en niet indienen van aangiften omzetbelasting in een periode van ruim zes jaar. Benadelingsbedrag van € 900.000,-. Oplegging van een taakstraf van 480 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 8 maanden met een proeftijd van 2 jaren. Geen gevangenisstraf vanwege uitzonderlijke omstandigheden: oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf brengt het voortbestaan van de onderneming, en daarmee ook het betalen van de schulden aan de Belastingdienst en van de aan deze medeverdachte opgelegde hoge geldboete, in gevaar. Daarnaast is niet gebleken van persoonlijke verrijking en is gebleken dat de werkwijze binnen de onderneming is verbeterd.

Uitspraak

Team straf 1

Parketnummer: 83-026210-23

Datum uitspraak: 11 februari 2025

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedatum] 1966,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres

[adres] te ( [postcode] ) [woonplaats] ,

raadsman mr. D. Bektesevic, advocaat te Amsterdam.

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 28 januari 2025.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. T. Lucas heeft gevorderd:

-

bewezenverklaring van het onder 1 (met uitzondering van de ten laste gelegde onjuiste of onvolledige aangifte over het derde kwartaal 2018) en 2 ten laste gelegde;

-

veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.

4 Waardering van het bewijs

5 Strafbaarheid feiten

6 Strafbaarheid verdachte

7 Motivering straf

8 Toepasselijke wettelijke voorschriften

9 Bijlagen

10 Beslissing