Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-05-2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:2851, 02-996011-12
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-05-2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:2851, 02-996011-12
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 15 mei 2017
- Datum publicatie
- 15 mei 2017
- Annotator
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2017:2851
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2019:2102, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
- Zaaknummer
- 02-996011-12
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich gedurende een periode van ruim 4 jaar als feitelijk leidinggevende van een bedrijf stelselmatig schuldig gemaakt aan het valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie door daarin valse inkoopfacturen met betrekking tot de aankoop van diesel op te nemen. Vervolgens zijn mede op basis van deze valse administratie opzettelijk onjuiste (suppletie)aangiften omzetbelasting gedaan. Voorts heeft het bedrijf van verdachte gedurende die periode een grote hoeveelheid diesel voorhanden gehad, waarop geen accijns was geheven. Totaal nadeel: ruim 700.000 euro. Er is sprake van ruime overschrijding van de redelijke termijn. Straf: 18 maanden gevangenisstraf.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
parketnummer: 02/996011-12
vonnis van de meervoudige kamer d.d. 15 mei 2017
in de strafzaak tegen
[verdachte]
geboren op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats]
wonende te [adres]
raadsman mr. R.A.A. Maat, advocaat te Goes
1 Onderzoek van de zaak
De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 11 april 2017, waarbij de officier van justitie, mr. Van Horen, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. De sluiting van het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 mei 2017.
2 De tenlastelegging
Verdachte staat terecht, terzake dat:
1.
[bedrijf 1] , verder te noemen ' [bedrijf 1] ', op een of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode vanaf de maand maart 2007 tot en met de maand
december 2010 in de gemeente(n) Roosendaal en/of Steenbergen, althans in
Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander,
althans alleen, (telkens) opzettelijk (een deel van) de
(bedrijfs-)administratie van [bedrijf 1] , zijnde (dat deel van) die
(bedrijfs-)administratie voornoemd (telkens) (een) (samenstel van)
geschrift(en) die/dat bestemd waren/was om tot bewijs van enig feit te dienen,
(telkens) valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers hebben/heeft [bedrijf 1]
en/of (een of meer van) haar medeverdachte(n) toen daar (telkens) opzettelijk
valselijk en/of in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- in (dat deel
van) die (bedrijfs-)administratie voornoemd, opgenomen en/of verwerkt, althans
doen of laten opnemen en/of verwerken:
- 12, in elk geval een of meer inkoopfactu(u)r(en), volgens factuuropdruk
(telkens) afkomstig van [bedrijf 2] , (telkens) gericht aan [bedrijf 1]
(D-012a) en/of
- 14, in elk geval een of meer inkoopfactu(u)r(en), volgens factuuropdruk
(telkens) afkomstig van [bedrijf 3] , (telkens) gericht
aan [bedrijf 1] (D-013a) en/of
- 22, in elk geval een of meer inkoopfactu(u)r(en), volgens factuuropdruk
(telkens) afkomstig van [bedrijf 4] , (telkens) gericht aan [bedrijf 1]
(D-014a en D-132) en/of
- 5, in elk geval een of meer inkoopfactu(u)r(en), volgens factuuropdruk
(telkens) afkomstig van [bedrijf 5] , (telkens) gericht aan
[bedrijf 1] (D-015),
(telkens) terzake de inkoop door [bedrijf 1] en/of de levering aan [bedrijf 1] van de
op die factu(u)r(en) voornoemd vermelde goederen tegen de op die factu(u)r(en)
vermelde prijzen/prijs, zulks terwijl in werkelijkheid (telkens)
geen levering(en) aan [bedrijf 1] hebben/heeft plaatsgevonden door de/het op die
factu(ur(en) vermelde bedrijven/bedrdijf en/of tegen de op die factu(u)r(en)
vermelde prijzen/prijs,
zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat (samenstel van) geschrift(en) als
echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken, hebbende
hij, verdachte (telkens) opdracht gegeven tot die/dat strafbare feit(en)
en/of feitelijke leiding gegeven aan die verboden gedraging(en);
(art. 225 lid 1 jo art. 47 en 51 Wetboek van Strafrecht)
art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht
2.
[bedrijf 1] , verder te noemen ' [bedrijf 1] ', op een of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode van de maand maart 2008 tot en met de maand
november 2010 in de gemeente(n) Roosendaal en/of Steenbergen, althans in
Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander,
althans alleen,
(telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene aangifte(n), als
bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten (een)
(suppletie)aangifte(n) voor de omzetbelasting over het/de jaar/jaren 2007
en/of 2008 en/of 2009 (D-124, D-125, D-126 en AH-055, par. 1.2, 2.2 en 3.2)
onjuist en/of onvolledig heeft gedaan, immers hebben/heeft [bedrijf 1] en/of (een
of meer van) haar medeverdachte(n) (telkens) opzettelijk op de/het bij de
Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst ingeleverde
(suppletie)aangiftebiljet(ten) omzetbelasting over genoemd(e) jaar/jaren
(telkens) een te laag, althans onjuist bedrag aan omzetbelasting opgegeven,
terwijl die/dat feit(en) (telkens) ertoe strekte(n) dat te weinig belasting
werd geheven, tot het plegen van welk(e) bovenomschreven strafbare feit(en)
verdachte (telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven
verboden gedraging(en) verdachte (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven;
De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover
daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is
gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;
(art. 69 lid 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen jo art. 47 en 51 Wetboek
van Strafrecht)
art 68 lid 1 ahf/ond a Algemene wet inzake rijksbelastingen
art 69 lid 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen
art 51 lid 2 ahf/ond 2° Wetboek van Strafrecht
subsidiair, althans, indien het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling
mocht of zou kunnen leiden:
[bedrijf 1] , verder te noemen ' [bedrijf 1] ', op een of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode van de maand maart 2008 tot en met 3 juni 2012 in
de gemeente(n) Roosendaal en/of Steenbergen, althans in Nederland, (telkens)
tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen,
* (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e)
(suppletie)aangiftebiljet(ten) voor de omzetbelasting over het/de jaar/jaren
2007 en/of 2008 en/of 2009 (D-124, D-125, D-126 en AH-055, par. 1.2, 2.2 en
3.2) - zijnde (telkens) (een) geschrift(en) die/dat bestemd waren/was om tot
bewijs van enig feit te dienen - als ware(n) die/dat geschrift(en) (telkens)
echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken (telkens) hierin dat [bedrijf 1]
en/of (een of meer van) haar medeverdachte(n) die/dat
(suppletie)aangiftebiljet(ten) voornoemd (telkens) heeft ingezonden, althans
ingediend bij de (bevoegde inspecteur van) de Belastingdienst en/of
* (telkens) opzettelijk (een) (afschrift(en) van) voornoemd(e) vals(e) of
vervalst(e) (suppletie)aangiftebiljet(ten) voorhanden heeft gehad, terwijl de
B.V. en/of haar medeverdachte(n) (telkens) wist(en) of redelijkerwijs
moest(en) vermoeden dat die/dat geschrift(en) (telkens) bestemd waren/was voor
gebruik, als ware(n) die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst,
bestaande die valsheid of vervalsing (telkens) hierin dat op die/dat
(suppletie)aangiftebiljet(ten) voor de omzetbelasting en/of op die/dat
afschrift(en) van die/dat (suppletie)aangiftebiljet(en) voor de omzetbelasting
over genoemd(e) jaar/jaren (telkens) een te laag, althans onjuist bedrag aan
belasting werd vermeld,
tot het plegen van welk(e) bovenomschreven strafbare feit(en) verdachte
(telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden
gedraging(en) verdachte (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven;
(art. 225 lid 2 jo art. 47 en 51 Wetboek van Strafrecht)
art 225 lid 2 Wetboek van Strafrecht
3.
[bedrijf 1] , verder te noemen ' [bedrijf 1] ', op een of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode vanaf de maand juni 2007 tot en met de maand juli
2010 in de gemeente(n) Roosendaal en/of Steenbergen en/of Apeldoorn, althans
in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander,
althans alleen, (telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene
aangifte(n), als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten
(onder meer) (een) aangifte(n) voor de omzetbelasting over het/de
aangiftetijdvak(ken) 2e kwartaal 2007 (D-018) en/of 4e kwartaal 2007 (D-020)
en/of mei 2008 (D-023) en/of oktober 2008 (D-028) en/of maart 2009 (D-033)
en/of 3e kwartaal 2009 (D-037) en/of 2e kwartaal 2010 (D-040), onjuist en/of
onvolledig heeft gedaan, immers hebben/heeft [bedrijf 1] en/of (een of meer van)
haar medeverdachte(n) (telkens) opzettelijk op de/het bij de Inspecteur der
belastingen of de Belastingdienst ingeleverde aangifte(n) omzetbelasting over
genoemd(e) aangiftetijdvak(ken) (telkens) een te laag, althans een onjuist,
bedrag aan omzetbelasting opgegeven, terwijl dat feit (telkens) ertoe strekte
dat te weinig belasting werd geheven, tot het plegen van welk(e)
bovenomschreven strafbare feit(en) verdachte (telkens) opdracht heeft gegeven,
dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(en) verdachte (telkens)
leiding heeft gegeven;
De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover
daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is
gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;
(art. 69 Algemene wet inzake rijksbelastingen jo art. 47 en 51 Wetboek van
Strafrecht)
art 68 lid 1 ahf/ond a Algemene wet inzake rijksbelastingen
art 69 lid 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen
art 51 lid 2 ahf/ond 2° Wetboek van Strafrecht
4.
[bedrijf 1] , verder te noemen ' [bedrijf 1] ', op een of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode van 19 januari 2008 tot en met 12 maart 2012 in de
gemeente Roosendaal en/of (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in
vereniging met (een) ander(en), althans alleen, (telkens) opzettelijk een
accijnsgoed, te weten (telkens) een of meer hoeveelheden/hoeveelheid diesel
brandstof tot een totaal van ongeveer 635.457,70 liter, in elk geval een of
meer hoeveelheiden/hoeveelheid diesel brandstof (D-145), voorhanden heeft
gehad, die/dat (telkens) niet overeenkomstig de bepalingen van de Wet op de
accijns in de heffing waren/was betrokken,
hebbende hij, verdachte,(telkens) opdracht gegeven tot die/dat strafbare
feit(en) en/of (telkens) feitelijke leiding gegeven aan die verboden
gedraging(en);
De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover
daaraan in de Wet op de accijns betekenis is gegeven, geacht in dezelfde
betekenis te zijn gebezigd;
art 5 lid 1 onder b Wet op de accijns
art 97 Wet op de accijns
art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht
3 De voorvragen
De dagvaarding is geldig.
De rechtbank is bevoegd.
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.