Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14-01-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:159, 23/937 tot en met 23/940
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14-01-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:159, 23/937 tot en met 23/940
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 14 januari 2025
- Datum publicatie
- 20 januari 2025
- Annotator
- Zaaknummer
- 23/937 tot en met 23/940
- Relevante informatie
- Art. 8:31 Awb
Inhoudsindicatie
Verzoeken om ambtshalve vermindering. Inkomen uit sparen en beleggen.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummers: BRE 23/937 tot en met 23/940
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en
de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van belanghebbende tegen de uitspraken op bezwaar van de inspecteur van 23 december 2022.
De inspecteur heeft de verzoeken om ambtshalve vermindering van de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over de jaren 2017 tot en met 2020 (de verzoeken) afgewezen.
De inspecteur heeft de bezwaren van belanghebbende kennelijk ongegrond verklaard en geen dwangsom toegekend wegens het niet tijdig beslissen op de bezwaren.
Belanghebbende heeft op 24 september 2024 een wrakingsverzoek ingediend. De wrakingskamer heeft het wrakingsverzoek op 9 oktober 2024 afgewezen.
De rechtbank heeft de beroepen op 20 december 2024 op zitting behandeld, gelijktijdig met de beroepen van de partner van belanghebbende met zaaknummers 23/933 tot en met 23/936. Hieraan heeft de gemachtigde deelgenomen. Namens de inspecteur hebben mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] deelgenomen.