Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24-03-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:1667, BRE - 24 _ 2629
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24-03-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:1667, BRE - 24 _ 2629
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 24 maart 2025
- Datum publicatie
- 27 maart 2025
- Annotator
- Zaaknummer
- BRE - 24 _ 2629
- Relevante informatie
- Art. 1.7 Wet IB 2001, Art. 3.124 Wet IB 2001, Art. 3.126 Wet IB 2001, Art. 14 Uitv besl IB 2001, Art. 11 Wet LB
Inhoudsindicatie
Aanslag IB/PVV 2020, vrijwillige voortzetting van een voormalige CNAP-regeling
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 24/2629
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
en
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 31 januari 2024. In die uitspraak heeft de inspecteur over de aanslag inkomstenbelasting en premievolksverzekeringen (IB/PVV) voor het jaar 2020 beslist dat de door belanghebbende aan het Luxemburgse Centre Commun de la Sécurité Sociale (CCSS) betaalde bedragen niet in mindering op zijn inkomen uit werk en woning (box 1) mogen worden gebracht.
De rechtbank heeft het beroep op 31 januari 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben belanghebbende en zijn oom, [naam] , deelgenomen. Namens de inspecteur zijn verschenen mr. [inspecteur 1] en [inspecteur 2] .
Van hetgeen ter zitting is besproken is een proces-verbaal opgemaakt, die met deze uitspraak aan partijen is toegezonden.